Na de vrije val in 2009 en een beperkt herstel in 2010 en 2011 is er sinds 2012 sprake van een voortdurende daling van de spaarrente bij de Nederlandse banken. Waarom blijft de spaarrente dalen?

De uitdaging van banken in Nederland

De spaarrente is altijd een intrinsiek onderdeel geweest van het bedrijfsmodel van de bank. Banken zetten het spaargeld van consumenten en bedrijven in voor investeringen en kredietverstrekking. Banken maken er winst mee en belonen deze traditioneel met spaarrente, dit om spaarders te motiveren om geld te storten bij de banken. Dit oude mechanisme staat nu echter onder druk omdat de banken het geld van de spaarders al enkele jaren niet goed kunnen uitlenen.

De financiële crisis en de banken in Nederland

De krediet- en eurocrisis heeft de economieën wereldwijd getroffen, wat ernstige gevolgen voor hen heeft gehad. Consumenten en bedrijven hebben eronder geleden, ook in Nederland. Door het gematigde vertrouwen van consumenten en bedrijven is de wereldeconomie vertraagd, waardoor de inflatie wereldwijd is gedaald. Deze bijna nulinflatie vermindert op haar beurt de verschillende belangen, zoals de rente op spaargeld, aanzienlijk. De westerse economieën laten weer een groei zien, maar consumenten en bedrijven hebben er geen vertrouwen in, wat ook tot uiting komt in de terughoudendheid van particulieren ten aanzien van de beleggingsmarkten.

Het beleid van de Europese Centrale Bank (ECB)

Na de krediet- en eurocrisis heeft de ECB de afgelopen jaren een reeks noodzakelijke maatregelen genomen om het vertrouwen tussen banken, bedrijven en consumenten te herstellen. De keerzijde van de medaille is echter dat de belangen op het gebied van sparen erdoor zijn uitgehold.

Leningen banken in Nederland

De kredietcrisis in 2008 en 2009 veroorzaakte ook een gebrek aan vertrouwen bij de banken, wat resulteerde in een afname van de interbancaire kredietverlening. Daarom heeft de ECB deze rol op zich genomen en rechtstreeks leningen aan banken verstrekt. Dankzij deze leningen die bij de ECB geparkeerd staan, is er al geruime tijd sprake van een uitgebreid liquiditeitsoverschot op de bancaire markt. Banken moeten afzien van investeringen in de verzwakte economie.

Inleiding negatieve depositorente

Sinds medio 2014 draagt de ECB een negatieve depositorente en alle banken, die deel uitmaken van de Europese Monetaire Unie (EMU), moeten betalen voor het parkeren van hun respectieve deposito’s. De ECB heeft een negatieve depositorente op de deposito’s van de banken. Dit omdat de ECB de banken er nog steeds van overtuigt om hun geld in verschillende markten te beleggen. De EU-economieën zijn nog niet volledig hersteld, in die context zou de ECB graag zien dat de investeringsbanken het lichte herstel dat de markten momenteel laten zien, ondersteunen.

Negatieve rente ‘doorgegeven’ aan de spaarder

Banken berekenen “te betalen kosten” door in verband met de negatieve rente van de ECB door de rente op de spaarrekeningen te verlagen. Tot nu toe ligt de rente bij Nederlandse banken net boven nul, maar voor sommige Duitse banken geldt voor een aantal Duitse banken al een boeterentevoet. Banken stellen dat de negatieve depositorente bij de ECB wel degelijk van invloed is op hun winstgevendheid. Zij hebben dus geen andere keuze dan de rente op rekeningen van cliënten te verlagen.